Buddhism and Western history / Boeddisme en Westerse geschiedenis

How did we in the West fulfil our sense of lack through the ages?

Hoe hebben we in het Westen ons gevoel van gemis gecompenseerd door de eeuwen heen?

English (klik hier voor Nederlands)

This week I finished reading a mind-blowing book about history. The subject is the Western history but with an original point of view: a Buddhist one. The author, David R. Loy, makes some interesting remarks about our sense of history. In the West we adopted the view from science that time is a series of events that are linear. But is that true throughout the rest of the world?

[…] While we make history by choosing to separate ourselves from past events ( a good working definition of “secular time”), more traditional societies deny that duality by reliving the past. For them history is not the burden  it is for us, since the past is not a weight to be overcome nor is the future a set of novel possibilities that must be actualized. (A Buddhist history of the West, David R. Loy, State University of New York Press, 2002 – p.54)

The book talks a lot about secularism and how this strangely enough had religious roots. According to the author it started when the Catholic Church started making laws. They categorised sins and stated what should be done to compensate for them. Eventually that compensation could be bought. Those who did not compensate their sins in this life were sent to the purgatory, a place where they suffered until their ‘debt’ was cleared.

That was a new understanding of the relationship between God and nature: God functions through his laws. This turned out to be a slippery slope; the more important those laws became, the less important became God, who began to disappear high up into the distant heavens. (A Buddhist history of the West, David R. Loy, State University of New York Press, 2002 – p.49-51)

The most talked about controversy is that the author states that capitalism originated from the protestant point of view so I am afraid I have not much to add to that discussion. Here’s another counterintuitive point David R. Loy makes:

This points to one of the tragic paradoxes that have dogged the history of the West: personal freedom and totalitarianism are not opposites but brothers, for the historical conditions that made democracy possible also made totalitarianism possible. (A Buddhist history of the West, David R. Loy, State University of New York Press, 2002 – p.21)

The main point of the book is that (wo)man in the West always felt a lack, a sense that something is off. The author explains how each period in history dealt with that conflict. But where do we find the solution? Since the author is a Buddhist himself, the answer can be found in Buddhism (of course).

“Eventually we may come to see that the experience of possessiveness itself rests on a delusion. Something is mine only if it is not yours. Yet if we can see that there is no me apart from you, as well as no us apart from the phenomena of the world, the idea of ownership begins to lose its meaning.”  (Jeffrey 12) Consumerism not only overlooks the superior joy of giving to others, it forecloses the ontological realization of nonduality between me and others, which resolves our sense of lack. Such a realization leads to the transformative insight that there is no need to be acquisitive if nothing is lacking. (A Buddhist history of the West, David R. Loy, State University of New York Press, 2002 – p.209-210)

Just some thoughts.

Nederlands

Deze week heb ik een fantastisch boek over de geschiedenis gelezen. Het ging over de geschiedenis van het Westen vanuit een origineel standpunt: een Boeddhistische. De schrijver, David R. Loy, maakt enkele interessante opmerkingen over geschiedenis. In het Westen hebben we de visie van de wetenschap over tijd overgenomen waarbij tijd een serie van lineaire gebeurtenissen is. Maar geldt dat ook voor de rest van de wereld?

[…] Terwijl wij geschiedenis beschrijven door onszelf van afgelopen gebeurtenissen af te zonderen ( een goede werkdefinitie van “seculaire tijd”), ontkennen traditionele maatschappijen die dualiteit door het verleden te herbeleven. Voor hen is geschiedenis niet de last die ze voor ons is omdat het verleden geen ballast is die moet overkomen worden net zoals de toekomst geen paar nieuwe mogelijkheden is die moeten verwezenlijkt worden. (A Buddhist history of the West, David R. Loy, State University of New York Press, 2002 – p.54)

Het boek gaat vaak over de secularisatie en hoe die vreemd genoeg religieuze roots heeft. Volgens de schrijver begon dit toen de Katholieke Kerk wetten begon te maken. Ze catalogiseerden zonden en bepaalde wat moest gedaan worden om boete te doen. Uiteindelijk kon die boetedoening ook worden afgekocht. Wie zijn zonden niet had gecompenseerd tijdens het leven werd na de dood naar de louteringsberg gestuurd, een plek waar ze boete deden tot hun ‘schuld’ was ingelost.

Dit was het nieuwe begrip van de relatie tussen God en de natuur: god werkt doorheen zijn wetten. Dit bleek een hellend vlak te zijn; hoe belangrijker de wetten werden, hoe minder belangrijk god werd en hij (/zij) hoog in de verre hemel verdween.(A Buddhist history of the West, David R. Loy, State University of New York Press, 2002 – p.49-51)

Het meest controversiële idee uit het boek is dat kapitalisme ontstond van de protestantse moraal. Ik denk echter dat ik niet veel nieuws aan die discussie kan toevoegen. Dit is een ander controversieel punt uit het boek;

Dit is een van de tragische paradoxen die de geschiedenis van het Westen hebben geplaagd: persoonlijke vrijheid en totalitarisme zijn geen tegengestelden maar broeders, want de geschiedkundige voorwaarden die democratie mogelijk maakten maakten ook het totalitarisme mogelijk. (A Buddhist history of the West, David R. Loy, State University of New York Press, 2002 – p.21)

Het belangrijkste punt uit het boek is dat de mens in het Westen altijd een tekortkoming voelde, een gevoel dat er iets niet klopt. De schrijver legt uit hoe elke periode uit de geschiedenis hiermee worstelde. Maar wat is de oplossing? Aangezien de schrijver zelf ook Boeddhist is, kan het antwoord (natuurlijk) in het Boeddhisme gevonden worden.

“Uiteindelijk komen we tot het besef dat de ervaring van de bezitterigheid een desillusie is. Iets is alleen van mij als het niet van jou is. Maar als we kunnen zien dat er geen ‘ik’ apart van ‘jou’ bestaat, net zoals er geen ‘ons’ is los van de fenomenen van de wereld, begint het idee van eigenaarschap zijn betekenis te verliezen.” (Jeffrey 12) Consumentisme ziet de hogere vreugde van het geven aan anderen over het hoofd, ze sluit de ontologische realisatie van non-dualiteit tussen mij en anderen uit, die ons gevoel van tekortkoming oplost. Zo’n besef lijdt tot het inzicht dat de nood om aan te schaffen niet nodig is als men zich niet tekort gedaan voelt.(A Buddhist history of the West, David R. Loy, State University of New York Press, 2002 – p.209-210)

Gewoon enkele gedachten.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.